Landgoed Vilsteren

Inpassing overdekte rijhal Manege Laarbrug

Opgave

Manege Laarbrug is gelegen aan Nieuwedijk 7 in Ommen en maakt onderdeel uit van Landgoed Vilsteren. De manege vormt de toegangspoort tot het landgoed. De eigenaren van de manege willen deze uitbreiden met een overdekte rijhal. Een aantal aspecten maakt de realisatie ervan complex. Zo loopt er een gasleidingtracé door het gebied waardoor de rijhal niet gebouwd kan worden op de meest logische locatie. Realisatie elders op het landgoed stuit tegen landschappelijke bezwaren.

Het werkatelier bestond uit een introductie op de opgave, ambities van de manege-eigenaren en het beleid van het landgoed. Aansluitend is de directe omgeving van de manege verkend. Daarna is gezamenlijk inzichtelijk gemaakt wat de ruimtelijke kwaliteiten zijn, welke randvoorwaarden er zijn en welke kansen er liggen. Daarna zijn de deelnemers in 2 groepen uiteen gegaan om te verkennen welk mogelijkheden er liggen voor de mogelijke locatie en de positionering van de rijhal, terreininrichting, vormgeving, materiaal- en kleurgebruik.

Advies

Naar aanleiding van het veldbezoek en het brainstormen over de uitgangspunten, komen er drie modellen naar voren die als basisconcept gebruikt kunnen worden voor mogelijke oplossingsrichtingen voor de opgave. De modellen gaan over de positionering en daarmee de aard en benodigde architectuur van de nieuwbouw. Het betreft de rijhal als:

1. Model 'gebouw op het erf'
Dit model gaat uit van sloop van de schuren. Dit is wellicht niet de meest realistische/wenselijke maar wel een denkbare oplossing, die helpt in het maken van een keuze. Hierbij zijn tevens bepaalde regels voor de nokrichting, verhouding hoofdgebouw – bijgebouw, rooilijn hoofdgebouw (oude boerderij), etc. van kracht. Los van de vraag of men bereid zal zijn twee schuren te slopen is het de vraag of dit in deze specifieke context wel de juiste oplossing kan zijn. De achterkant van het erfensemble is, vanaf de weg gezien, namelijk ook weer een voorkant. En in deze variant staat de nieuwbouw pal aan deze weg.

2. Model 'landschappelijk object'
Het model met het landschappelijk object zit wellicht het dichtst in de buurt van wat de initiatiefnemer zich had voorgesteld. Echter een dergelijk autonoom architectonisch object heeft ruimte om zich heen nodig en die ruimte is er niet binnen het bouwvlak. En verder weg van het erf wil men ook niet vanwege de te lange looplijnen.

3. Model 'erfrandbeplanting'
Het model 'erfrandbeplanting' blijft over als een meest plausibele. Dit is vooral een taaie omdat de architectuur volstrekt ondergeschikt moet zijn aan de bestaande gebouwen. Met het nieuw te bebouwen oppervlak ligt het voor de hand dat er een hoge, lange noklijn gaat ontstaan en dat is precies wat niet past binnen dit model. Beter zou zijn een plat, eventueel groen dak. Een architectuur van 'bomen', begroeid met klimop, die een plat dak draagt.

Tips voor vervolg

  • Denk goed na over de consequenties die de keuze voor een bepaald model heeft
  • Bouwen binnen het bouwblok zal een eenvoudiger gemeentelijk proces hebben, dan bouwen buiten het bouwblok.
  • Bespreek de resultaten van het werkatelier met de gemeente.
  • Houdt elkaar goed op de hoogte van verdere planvorming voor de manege en van de visie vanuit het landgoed.